Brandveiligheid Zorginstellingen 2026

Voor wie is dit artikel?

Dit artikel is bedoeld voor facilitaire leidinggevenden en beleidsmakers in de zorg, zoals ziekenhuizen, verpleegtehuizen. Er wordt veel informatie verstrekt. De geschatte leestijd is 15 minuten. Door de onderwerpen uit te klappen kun je de onderliggende informatie vinden.

Doel van dit artikel

Brandveiligheid zorg Bbl  stelt in 2026 strenge eisen aan zorginstellingen in Nederland. Sinds 1 januari 2024 vallen verpleeghuizen, ziekenhuizen en verzorgingstehuizen onder het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (Bbl), met aanvullende verscherpingen per juli 2024. Met kwetsbare bewoners die vaak niet zelfstandig kunnen vluchten, zijn de eisen aan brandpreventie, detectie en evacuatie strenger dan in reguliere gebouwen.

Dit overzicht behandelt veel aspecten van brandveiligheid in de zorg, van wettelijke verplichtingen tot praktische implementatie.

In dit artikel leest u welke regelgeving geldt na de wijzigingen van de Bbl, welke maatregelen verplicht zijn en hoe u als zorginstelling optimaal brandveilig wordt – en blijft.

Brandveiligheid zorg Bbl 2024 - Zorggebouw Spectrum
Brandveiligheid Zorggebouw Spectrum

Zorginstellingen zoals verpleeghuizen, ziekenhuizen, verzorgingshuizen en instellingen voor gehandicaptenzorg vormen een unieke uitdaging op het gebied van brandveiligheid. De bewoners en patiënten zijn vaak niet of slechts beperkt zelfredzaam, waardoor snelle evacuatie niet altijd mogelijk is. Deze verminderde zelfredzaamheid maakt dat extra maatregelen noodzakelijk zijn om de veiligheid te waarborgen.

In zorginstellingen zijn er specifieke risicofactoren die de kans op brand en de complexiteit van evacuatie verhogen. Beperkte mobiliteit is een belangrijke factor: veel bewoners kunnen niet zelfstandig lopen of zijn zelfs bedlegerig, wat evacuatie sterk bemoeilijkt. Daarnaast spelen cognitieve beperkingen een grote rol – bewoners met dementie of een verstandelijke beperking hebben een verminderd reactievermogen bij brand en kunnen alarmsignalen niet altijd correct interpreteren.

Met 24-uurs bezetting van zorginstellingen betekent dat er altijd voldoende getraind personeel aanwezig moet zijn dat bekend is met evacuatieprocedures. Medische apparatuur zoals zuurstofapparatuur en elektrische hulpmiddelen verhogen de brandrisico’s aanzienlijk. Tot slot maakt de complexe gebouwstructuur met lange gangen, meerdere verdiepingen en verschillende afdelingen evacuatie bijzonder uitdagend.

Statistieken tonen aan dat er gemiddeld elke 8 dagen brand ontstaat in een verzorgings- of verpleeghuis in Nederland en omliggende landen. Adequate brandveiligheidsmaatregelen zijn daarom niet optioneel, maar levensreddend.

Sinds 1 januari 2024 vallen zorginstellingen onder het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (Bbl), dat het Bouwbesluit 2012 heeft vervangen. Dit nieuwe besluit brengt aanvullende eisen met zich mee. Per 1 juli 2024 zijn er verdere verscherpingen van kracht gegaan, specifiek gericht op brandveiligheid in gemeenschappelijke ruimtes en vluchtroutes.

Het Bbl stelt eisen aan zowel nieuwbouw als bestaande bouw. Deze eisen omvatten brandcompartimentering – de verdeling van het gebouw in brandwerende compartimenten om verspreiding te beperken. Vluchtroutes moeten minimaal 85 cm breed zijn en volledig obstakelvrij blijven. Brandmeldinstallaties met verplichte detectie- en alarmeringssystemen zijn voorgeschreven, evenals blusmiddelen zoals brandblussers en in sommige gevallen sprinklers. Ook rookbeheersing speelt een belangrijke rol met systemen voor beperking van rookverspreiding of rookafvoer.

Zorginstellingen, al dan niet met woonfunctie, vallen onder een strengere categorie vanwege de verminderde zelfredzaamheid van bewoners. Dit betekent aanvullende verplichtingen bovenop de algemene Bbl-eisen. Een brandmeldinstallatie met gedeeltelijke of volledige bewaking volgens NEN 2535 is verplicht, met directe doormelding naar de zusterpost, een centraal meldpunt en/of de brandweer. Brandwerende deuren moeten zijn uitgerust met automatische sluiting.

Noodverlichting is vereist in alle vluchtroutes en gemeenschappelijke ruimtes, tenzij het woningen betreft. Een ontruimingsplan met alternatieve evacuatiemethoden zoals horizontale evacuatie of beschermde ruimtes is verplicht. Wat betreft personeel: training van personeel is essentieel, waarbij opgemerkt moet worden dat BHV-training niet direct voortvloeit uit het Bbl, maar uit het Arbobesluit en de Arbowet.

De verscherpte regelgeving die per juli 2024 van kracht is, verbiedt bepaalde zaken in gemeenschappelijke ruimtes en vluchtroutes. Scootmobielen, rollators en andere hulpmiddelen zijn niet toegestaan, tenzij brandveilig opgeborgen. Brandbare decoratie en kunstwerken zijn verboden vanwege het brandgevaar. Meubels en bankjes die vluchtwegen versmallen zijn niet toegestaan vanwege het obstakelverbod. Ook de opslag van brandbare materialen zoals papier en schoonmaakmiddelen in deze ruimtes is verboden.

In grote lijnen is de eigenaar verantwoordelijk voor het gebouw (bouwkundige en installatietechnische voorzieningen) en de gebruiker voor het gebruik (organisatorische maatregelen en dagelijks beheer). Bij overtreding kunnen beiden aansprakelijk worden gesteld.

Praktische brandveiligheidsmaatregelen voor zorginstellingen

Een brandveilige zorginstelling vraagt om een geïntegreerde aanpak waarbij bouwkundige, installatietechnische en organisatorische maatregelen samenkomen. Deze drie pijlers moeten op elkaar aansluiten en elkaar versterken voor optimale veiligheid. Hieronder worden de concrete stappen beschreven die u moet nemen.

In verpleeghuizen en verzorgingshuizen is bijzondere aandacht vereist voor bewoners met dementie, aangezien deze groep alarmsignalen vaak niet herkent en daardoor niet in staat is om adequaat te reageren. Zuurstofapparatuur vereist aanvullende brandpreventie met strikte regels voor geen open vuur, rookverbod en adequate ventilatie. In de nacht dienen er voldoende aangewezen personen beschikbaar te zijn om binnen de beschikbare tijd te kunnen ontruimen. Binnengangen en deuren dient gegarandeerd voldoende bewegingsvrijheid beschikbaar te blijven voor rolstoelen en bedden.

In ziekenhuizen vereisen kritische afdelingen zoals IC, OK en verpleegafdelingen extra brandcompartimentering en rookdichting. Medische gassen vragen om strikte scheiding tussen zuurstof en brandbare gassen. De noodstroomvoorziening moet brandveilig zijn geïnstalleerd. Evacuatie van bedlegerige patiënten vraagt om speciale evacuatiebedden die snel en veilig verplaatst kunnen worden. Ook zijn dan extra brandcompartimenten vereist.

Instellingen voor gehandicaptenzorg vereisen visuele en tactiele alarmsignalen voor dove of blinde bewoners. Extra training voor personeel in communicatie tijdens noodsituaties is essentieel. Persoonlijke evacuatieplannen voor bewoners met specifieke beperkingen moeten worden opgesteld en regelmatig geüpdatet. In kleinschalige woonvormen moet brandveiligheid ook in woningen gewaarborgd zijn, ondanks de woonfunctie.

Kosten brandveiligheid zorginstellingen

De investeringen in brandveiligheid variëren sterk afhankelijk van de grootte van uw instelling, de bestaande voorzieningen en de mate waarin aanpassingen nodig zijn. Wij kunnen u ondersteunen in een maatwerkadvies waarin Total Cost of Ownership (TCO) en eventueel uw persoonlijk aanvullende wensen centraal staan. De hiervoor benodigde kosten kunnen wij indien gewenst voor u uitzetten in begrotingen. Een belangrijke tip: sluit onderhoudscontracten af voor voorspelbare kosten en voorkom dat keuringen worden vergeten.

Praktische checklist brandveiligheid zorg

Gebruik deze checklist om te controleren of uw zorginstelling voldoet aan alle brandveiligheidseisen. De checklist is onderverdeeld in vier hoofdcategorieën: bouwkundig, installatietechnisch, organisatorisch en onderhoud.

NrEis
1Gebouw is verdeeld in brandcompartimenten (max. 1.000 m² / 2.000 m², per bedgebied en afgestemd op de ontruiming)
2Bouwkundige aanpassingen om te voldoen aan Art. 6.20 Bbl, zoals o.a. extra brand- en of rookscheidingen.
3Alle deuren waar een zelfsluitendheid eis geldt werken naar behoren.
4Doorvoeringen (kabels, leidingen en luchtkanalen) zijn brand- en rookwerend afgedicht
5Vluchtroutes zijn minimaal 85 cm breed en obstakelvrij
6Nooduitgangen zijn duidelijk gemarkeerd en toegankelijk
NrEis
1Brandmeldinstallatie (BMI) is aanwezig en voldoet aan NEN 2535:1996 of nieuwer en wordt, inclusief sturingen, onderhouden
2Automatische doormelding naar zusterpost en brandweer werkt
3Noodverlichting is aanwezig in alle vluchtroutes (muv woonfuncties)
4Voldoende brandblusapparaten op strategische locaties (muv woonfuncties)
5Gelijkwaardige brandblusinstallaties functioneren en zijn gecertificeerd
NrEis
1Jaarlijkse keuring BMI door gecertificeerd bedrijf
2Jaarlijkse keuring noodverlichting
3Jaarlijkse controle brandblusapparaten
4Periodieke controles van brandwerende deuren en brandwerende afdichtingen uitvoeren om de continuïteit en effectiviteit van de brandveiligheid te waarborgen.

Specifieke aandachtspunten per type zorginstelling

Brandveiligheid groepszorgwoning en kleinschalige woonzorglocaties

Groepszorgwoning: wanneer gelden zwaardere brandveiligheidseisen?

Een groepszorgwoning is een woonvorm waarbij meerdere bewoners met een zorgbehoefte samenleven in een (gedeelte van een) gebouw, met gedeelde woon- en zorgvoorzieningen. Denk aan woongroepen voor mensen met dementie, een verstandelijke beperking of een psychiatrische aandoening. Er kunnen meerdere van deze groepen in een gebouw aanwezig zijn.

Onder het Bbl valt een groepszorgwoning onder de woonfunctie voor zorg zodra er sprake is van professionele zorgverlening in combinatie met verblijf:

  • De woning is altijd meldingsplichtig voor brandveilig gebruik, ongeacht het aantal bewoners
  • Per woongroep moeten alle voorzieningen voor een woning aanwezig zijn, zoals een keuken, toiletruimte en badkamer
  • Er geldt een brandmeldinstallatie met minimaal gedeeltelijke bewaking volgens NEN 2535; bij zwaardere zorgvormen met doormelding en certificaat
  • Brandwerende scheidingen zijn vereist tussen een woongroep en andere functies in het gebouw
  • Het ontruimingsplan moet zijn afgestemd op de beperkte zelfredzaamheid van de bewoners

Bij groepszorgwoningen met minder dan 10 volledig zelfredzame bewoners kan de reguliere woonfunctie van toepassing zijn. Munnik Brandadvies adviseert bij twijfel altijd een formele gebruiksfunctietoets te laten uitvoeren.

Verschil groepszorgwoning en zorgclusterwoning

De zorgclusterwoning betreft zelfstandige woningen rondom een gemeenschappelijke zorgpost of ontmoetingsruimte. Per woning gelden de regels van de reguliere woonfunctie. De gemeenschappelijke ruimten (zorgpost, gangen) vallen onder de bijeenkomst- of gezondheidszorgfunctie, waarvoor een gebruiksmelding geldt vanaf 10 personen. De afstemming vereist een integraal brandveiligheidsconcept. Munnik Brandadvies adviseert bij twijfel altijd een formele gebruiksfunctietoets te laten uitvoeren.

Wonen met zorg en het Bbl: wat veranderde per 1 januari 2024?

Per 1 januari 2024 is het Bouwbesluit 2012 vervangen door het Bbl. De omgevingsvergunning brandveilig gebruik is vervangen door de gebruiksmelding. Woonfuncties voor zorg zijn altijd meldingsplichtig. Bestaande omgevingsvergunningen zijn van rechtswege vervallen, maar het gebruik mag op basis van het overgangsrecht worden voortgezet. Een nieuwe gebruiksmelding is verplicht bij wijziging van het gebruik, nieuwbouw of ingebruikname van een nieuwe locatie. Controleer altijd of de situatie zoals destijds vergund nog overeenkomt met het huidige gebruik.

Overgangsrecht: wat moet u nu regelen?

  • Controleer of uw locatie beschikt over een actuele gebruiksmelding of dat de bestaande vergunning nog geldig is
  • Bij verbouwingen of wijziging van het gebruik is altijd een nieuwe melding vereist
  • De gemeente kan handhavend optreden als geen melding aanwezig is

Munnik Brandadvies verzorgt het complete traject van toetsen tot indienen via het Omgevingsloket.

Risicogestuurde brandveiligheid in de zorg

Risicogestuurde brandveiligheid houdt in dat maatregelen worden bepaald op basis van een systematische risicoanalyse, in plaats van alleen de minimumeisen te volgen. In de zorgsector zijn de risicos per locatie sterk verschillend: een verpleeghuis met bedlegerige dementiepatienten heeft andere risicos dan een GGZ-woongroep; een historisch pand vraagt om andere compenserende maatregelen dan nieuwbouw; de bezettingsgraad en het opleidingsniveau van het personeel beinvloeden de benodigde maatregelen.

Het brandveiligheidsplan als basis

Een risicogestuurd brandveiligheidsplan omvat minimaal: een risicoanalyse, een beschrijving van de getroffen maatregelen, een onderbouwing van gelijkwaardige oplossingen die afwijken van de standaardeisen, een ASET/RSET-berekening indien de ontruimingstijd kritisch is, en een plan voor periodieke evaluatie.

Relatie met IGJ-toezicht

De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) neemt brandveiligheid steeds vaker mee in haar toezichtbezoeken. Een goed gedocumenteerd brandveiligheidsplan, opgesteld door een KiK-gecertificeerde adviseur, laat zien dat de organisatie aantoonbaar in control is. Munnik Brandadvies stelt risicogestuurde plannen op die aansluiten bij de IGJ-inspectiekaders.

Brandveiligheid GGZ en psychiatrische instellingen

GGZ-instellingen kennen specifieke brandveiligheidsrisicos: afgesloten afdelingen (separeerruimten, gesloten opnameafdelingen) vragen om een balans tussen beveiliging en vluchtveiligheid; patienten kunnen onvoorspelbaar reageren bij alarm; brandstichting is een reeel risico; medicatiegebruik verlaagt de reactiesnelheid van patienten; personeel werkt soms alleen op een afdeling of op meerdere locaties.

Aanvullende maatregelen voor GGZ

  • Brandveiligheidsplan afgestemd op gesloten en open afdelingen afzonderlijk
  • Persoonlijke ontruimingsprofielen per afdeling (wie kan zelfstandig vluchten, wie heeft begeleiding nodig?)
  • Overleg met de brandweer over ontruimingsprocedures voor gesloten afdelingen
  • Brandmeldinstallatie met stil alarm op woonafdeling, gecombineerd met een actieprotocol voor personeel
  • Regelmatige onaangekondigde oefeningen om realistische scenarios te testen
  • Periodieke risicoanalyse door een onafhankelijke brandveiligheidsadviseur

Brandveiligheid verpleeghuis: verdiepende informatie

Verpleeghuizen vallen onder de zwaarste categorie van de woonfunctie voor zorg in het Bbl, vanwege hoge bezetting, ernstige beperkingen in zelfredzaamheid en 24-uurs aanwezigheid.

Brandmeldinstallatie met doormelding

Een automatische BMI met volledige bewaking is verplicht: rookdetectie in alle ruimten. De doormelding verloopt via een erkend meldkamerbedrijf (PAC). Controleer of uw contract actueel is en of de BMI jaarlijks wordt gekeurd conform NEN 2535.

Horizontale evacuatie als primaire strategie

De primaire strategie is horizontale evacuatie naar een veilig brandcompartiment op dezelfde verdieping. Vereisten: brandcompartimenten met minimaal 20 minuten brandwerendheid (nieuwbouw: 30/60 minuten), automatisch sluitende deuren, voldoende ruimte voor alle bewoners inclusief hulpmiddelen, en heldere procedures voor personeel over wanneer wel volledig te evacueren.

Zuurstofopslag en medische gassen

Zuurstof bevordert verbranding sterk. Zuurstofflessen en -concentratoren mogen niet in vluchtroutes worden opgeslagen. Bewoners die zuurstof gebruiken moeten zijn opgenomen in persoonlijke ontruimingsprofielen. In betreffende kamers geldt een strikt rookverbod, ook voor bezoekers. Personeel moet getraind zijn in het veilig omgaan met zuurstof bij brand.

Waarom kiezen voor professioneel brandadvies?

Brandveiligheid in zorginstellingen is complex en vraagt om specialistische kennis. Een professioneel brandadviesbureau helpt u om te voldoen aan alle wettelijke verplichtingen zoals het Bbl, NEN-normen en lokale verordeningen. Door slimme, gelijkwaardige oplossingen kunnen onnodig hoge kosten worden voorkomen. Het brandadviesbureau kan ondersteunen in het indienen van een gebruiksmelding of in de begeleiding naar het verkrijgen van een omgevingsvergunning.

 

Een optimale balans tussen veiligheid, gebruiksgemak en budget wordt gevonden, waarbij ook wordt geanticipeerd op toekomstige regelgeving en aanpassingen. Een onafhankelijk brandadviesbureau onderhoudt geen (vaste) relatie met installateurs of leveranciers, waardoor het objectief advies kan geven over de meest geschikte oplossingen voor uw specifieke situatie. Dit voorkomt verkeerde investeringen en zorgt voor een integraal brandveiligheidsconcept waarin alle maatregelen op elkaar aansluiten.

Conclusie: Investeer in veiligheid, investeer in levens

Brandveiligheid in de zorg is geen kostenpost, maar een investering in de veiligheid en het welzijn van uw bewoners en personeel. Met de juiste maatregelen, regelmatige controles en goed getraind personeel creëert u een omgeving waarin iedereen zich veilig kan voelen.

De brandveiligheidseisen worden steeds strenger, en dat is terecht. De kwetsbaarheid van bewoners in zorginstellingen vraagt om de hoogste standaard van bescherming. Door proactief te werk te gaan en te investeren in professioneel advies, voorkomt u niet alleen boetes en aansprakelijkheid, maar zorgt u vooral voor een leefomgeving waar veiligheid voorop staat.

Heeft u vragen over brandveiligheid in uw zorginstelling?

Munnik Brandadvies heeft meer dan 25 jaar ervaring in het adviseren van zorginstellingen op het gebied van brandveiligheid. Van risicoanalyses tot omgevingsvergunningen, van ontruimingsberekeningen tot BHV-plannen – wij denken met u mee en zorgen voor een compleet en werkbaar brandveiligheidsconcept. Neem vrijblijvend contact op voor een eerste adviesgesprek.

Bekijk onze diensten die specifiek voor zorginstellingen relevant zijn: ontruimingsplan opstellen, brandcompartimentering, brandveiligheidsinspectie en BHV-beleidsplan.