Munnik Brandadvies

CCV-inspectieschema-2011

Per 1 januari van dit jaar is de Regeling Brandmeldinstallaties 2002 komen te vervallen. Daarvoor in de plaats is het CCV-inspectieschema-2011 in werking getreden. Iedere gecertificeerde brandmeldinstallatie dient dan ook volgens het Bouwbesluit voorzien te worden van een inspectiecertificaat volgens de nieuwe inspectieschema’s 2011.

Als gebouweigenaar van een gebouw waarin een gecertificeerde brandmeldinstallatie vereist is, krijgt u hier mee te maken. Maar wat heeft dit voor gevolgen voor uw organisatie? Kan dezelfde procedure als voorheen gehanteerd worden? Wat betekent het voor de kosten? En wat heeft dit voor gevolgen voor de daadwerkelijke installatie, voldoet deze nog wel? Hoe lang is het nieuwe certificaat geldig?

Het is voor veel eigenaren van een gecertificeerde brandmeldinstallatie verre van duidelijk wat de gevolgen zijn van de nieuwe inspectieschema’s voor hun installatie, terwijl die toch aanzienlijk zijn.

De vervanging van de Regeling Brandmeldinstallaties 2002 door de CCV-inspectieschema’s 2011 is gedaan om de kwaliteit van brandbeveiligingsinstallaties drastisch te verhogen. De voormalige Regeling Brandmeldinstallaties 2002 waarborgde niet de gewenste kwaliteit van brandmeldinstallaties die de overheid voor ogen heeft gehad. De reden hiervoor was dat de inspecties van aangelegde BMI’s steekproefsgewijs gedaan werden, waarbij de installateur tevens zelf de inspectie-instelling kon aanwijzen in het Rapport van Oplevering. Er was in de oude regeling teveel de mogelijkheid voor het ‘slager keurt zijn eigen vlees’ principe.

De wijziging is duidelijk niet gedaan om de regels te vereenvoudigen. Het CCV-Certificatieschema-2011 is namelijk opgebouwd uit 2 hoofdschema’s die ieder afzonderlijk weer in 3 subschema’s zijn ingedeeld. Het 1e hoofdschema betreft het Certificatieschema 2011, het 2e hoofdschema is het inspectieschema 2011. Het certificatieschema is onderverdeeld in een schema Brandmeldinstallaties 2011, een schema Installeren Brandmeldinstallaties 2011 en een schema Onderhoud Brandmeldinstallaties 2011. Het Inspectieschema 2011 is onderverdeeld in een schema Basisontwerp, Detailontwerp en een schema voor de inspectie van de installatie. Er bestaat een inspectieschema voor VBB-installaties (Vastopgestelde Brandbeheersings- en Brandblussystemen), BMI (Brandmeldinstallaties), OAI (Ontruimingsalarminstallatie) en RBI (Rookbeheersingsinstallatie). Daarnaast is het mogelijk dat een bedrijf dat zich conform het Certificatieschema heeft gecertificeerd voor het schema Brandmeldinstallaties 2011 ook nog een Produktcertificaat kan leveren voor een opgeleverde brandmeldinstallatie.

In dit woud van schema’s en certificeringsregelingen is het voor een vakspecialist al moeilijk om er wegwijs in te worden, laat staan voor bedrijven of personen die minder tot geen kennis hebben van het vakgebied. Om het iets overzichtelijker te maken zijn samenvattend enkele gevolgen voor u als eigenaar van een brandmeldinstallatie hieronder weergegeven.

Organisatorisch:
• Er wordt in de nieuwe situatie een veel actievere houding verwacht van de opdrachtgever.
• De keuze voor een wel of niet gecertificeerde installateur ligt bij de opdrachtgever.
• Keuze voor opstellen van Programma van Eisen (PvE)/Uitgangspuntendocument (UPD) door wel of geen gecertificeerd bedrijf ligt bij opdrachtgever.
• De aanvraag van het inspectiecertificaat dient georganiseerd te worden door de gebouweigenaar.
• Onderdeel van de inspectie van de installatie is tevens de aansluiting op het BHV-plan.

Installatie:
• Daarnaast zullen de installaties strenger worden gecontroleerd en mogelijk in de nieuwe situatie niet meer voldoen. Dit komt omdat iedere gecertificeerde installatie nu geïnspecteerd wordt door een onafhankelijke inspectie-instelling, waar dit voorheen nog op basis van een steekproef gebeurde.
• De meest ingrijpende aanpassing is waarschijnlijk dat de ontruimingsalarminstallatie nu tevens gecertificeerd moet worden indien een gecertificeerde BMI vereist is. Omdat dergelijke installaties tot voor kort geen onderdeel uitmaakten van de certificering is de verwachting dat zeer veel ontruimingsalarminstallaties dan ook niet geheel voldoen aan de NEN 2575. Daardoor is aanpassing noodzakelijk en dit kan zeer hoge kosten met zich meebrengen.
• Bij de inspectie van de installatie wordt tevens gekeken naar de samenhang tussen de installatie en overige brandveiligheidsvoorzieningen. Bijvoorbeeld: bij controle van de sturing van kleefmagneten of vrijloopdrangers wordt niet alleen gecontroleerd of de sturing verricht wordt, maar wordt tevens gekeken of de zelfsluitende deur ook daadwerkelijk goed dicht valt.

Mocht u geïnteresseerd zijn geraakt in het onderwerp en wilt u hier tot in detail over worden voorgelicht, neem dan gerust contact met ons op, of kijk op onze site bij ‘Opleidingen Brandveiligheid’.